Lenny Kuhr op facebook Lenny Kuhr op twitter
Lenny's Log
2007mei
april
januari

05 april 2007 - roses for children
Dit is een mooie en spannende tijd waarin ik de gelukkige gelegenheid heb om een selectie uit mijn oeuvre, opnieuw op te nemen en uit te brengen. Het worden minstens 40 liedjes. In dit avontuurlijke proces ontdekte ik steeds meer de harmonische samenhang van al die liedjes en ik vind het een voorrecht om met het komende dubbel- of trippel album een soort universele biografie neer te zetten. Ik ben al dit hele seizoen bezig, om met mijn muzikanten die nummers te laten klinken als een klok. En nog steeds houdt de inspiratie niet op. Het plan verandert steeds nog een beetje iedere keer.Afgelopen zondag, 1 april, hadden we een concert in de Bussel in Oosterhout. Bij wijze van uitzondering zong er bij een aantal stukken een 6 koppig vrouwenkoor mee. Ze heten Canterelle. Door hun had ik de gelegenheid om voor het eerst Schubert's ‘Stemmen in de nacht’ live uit te voeren. Het was te gek. Cor zei: 'Het is niet te geloven hoe prachtig Schubert in dit lied van de ene naar de andere harmonie gaat. Ja, natuurlijk moeten we dit ook opnemen voor het jubileumalbum." Maar het was nog niet klaar. Acapella zongen Canterelle en ik als eerste liedje na de pauze 'Sterren" We gebruikten zelfs geen microfoons, en het klonk prachtig. Het is een hele korte versie van het liedje dat ik maakte met Willem Wilmink [ tekst] dat op de lp "Een dag als vandaag"staat, in een uitvoering met groot orkest.Zoals wij het nu deden klonk het heel puur en ontwapenend. " Ja, ik ben het met je eens, die moet er ook op," zei Cor. We hebben zo'n plezier gehad met elkaar en zo zie je dat je je ideeën tot op het laatst toe moet kunnen bijstellen. 1 en 2 mei beginnen de live opnames in studio Markant in Heeze waar een klein publiek bij mag zijn. Op de site vind je daar meer informatie over.

Verder ben ik ook net terug uit Israël waar we een monument onthuld hebben voor het onbekende kind, naar een idee van Herman van Veen. Het moedermonument staat bij Arnhem. Het wordt een wereldmonument. De gezusters Mirjam en Sil van Oort zorgen voor de verwezenlijking van dit monument. Uit ieder continent en uit veel landen wordt er een manshoge steen vervoerd naar Nederland. Zo'n steen vertegenwoordigt de ziel van het universele kind. Het vertegenwoordigt de onschuld en de afhankelijkheid van het kind van onze daden. Het land van herkomst krijgt uit Nederland een tegenmonument, en ik heb het hier over de onthulling van dat monument. Rob en ik waren betrokken bij de steen die uit Israël kwam. Hij werd uit de tuin van het Assaf Harofeh Ziekenhuis getakeld in het bijzijn van vele betrokkenen en gezagdragers. Onze ambassadeur was er, maar ook die van Jordanië en Egypte. Er werd bezield en verrassend gesproken en betoogd en ik heb toen, nadat ik in het Engels verteld had waar het lied over ging, ‘ zeven kleuren kleine kinderen’ gezongen. Ik zag hoeveel indruk het geheel op iedereen maakte. En ik zag dat ondanks alle onmacht en politiek er de drang bij velen is om dat waar het monument voor staat, ‘bewaking en bescherming van de onschuld,[ gesymboliseerd in ‘het kind‘] in activiteiten om te zetten. Vanuit het Assaf Harofeh Ziekenhuis worden er bijvoorbeeld door kinderartsen, vrijwillig plekken bezocht waar over het algemeen geen artsen kunnen of durven komen en waar er geen medische faciliteiten zijn, zoals bv.op sommige plaatsen in de Palestijnse gebieden. Dit is maar een voorbeeld, maar als je met deze zaken bezig bent ga je heel bewust de andere kant van geweld voelen en zien.
Het mooie van het monument vind ik dat je ook stil gaat staan bij het onschuldige kind in jezelf, dat je wil bewaken en beschermen, dat je soms helemaal kwijt bent, maar wiens roep nooit echt verstomt in jezelf. Ik noem het altijd "het ongeschondene." Een deel van ons bewustzijn is en blijft altijd ongeschonden en je kunt het voelen en je ermee verbinden. Hiermee komt er een deernis, een zachtheid naar jezelf toe en tevens de kracht om het te willen beschermen. Ik heb nog een fotootje waar mijn dochter Daphna, ze was toen 4 jaar, een jong poesje vasthield. De blik in haar ogen was zo zacht en vol van tederheid, zoals je wel vaker ziet bij een kind dat een jong diertje vasthoudt. Toen ik voor het eerst mijn eerste kleinkindje vasthield zal ik zeker ook zo gekeken hebben. Ik weet wel dat ik opnieuw werd aangesproken in mijn eigen ongeschondenheid. Er zit ook iets onvoorwaardelijks in ons dat daar ook mee te maken heeft. Het vermogen onvoorwaardelijk lief te hebben. Niet alleen een ander, maar ook jezelf.
Tot de volgende keer,
Lenny